Ik heb hbo pedagogiek gestudeerd en dacht altijd dat ik in de jeugdzorg wilde werken. Ook mijn stages deed ik daar. Toch bleef ik twijfelen of dat echt bij mij paste. Via vrijwilligerswerk kwam ik in contact met mensen met een verstandelijke beperking. Toen wist ik: dit is de kant die ik op wil. Inmiddels werk ik zo’n veertien jaar in de gehandicaptenzorg en heb ik met verschillende doelgroepen gewerkt. De LVB-doelgroep past het beste bij mij. Ik kan goed aansluiten bij hun belevingswereld en met cliënten levelen. Daardoor voelt het contact natuurlijk en kan ik in mijn werk helemaal mezelf zijn.
Je moet écht nieuwsgierig zijn om dit werk te doen
Susan werkt als coördinerend begeleider op Hoenderberg 43 in Amersfoort, waar ouder wordende cliënten met een lichte tot matige verstandelijke beperking wonen. Ze coördineert de dagbesteding, begeleidt mbo-studenten en stuurt collega’s aan. Maar ze staat ook gewoon op de werkvloer, dicht bij de cliënten. Juist die combinatie van begeleiden, aansturen en zelf meewerken past goed bij haar.
Hoe ben je in de gehandicaptenzorg terechtgekomen?
Waarom is nieuwsgierigheid zo belangrijk in jouw werk?
Je moet altijd willen weten waar iets vandaan komt. Wat bedoelt iemand precies? Wat zit er achter wat iemand zegt of doet? Soms kan een ogenschijnlijk kleine opmerking mij enorm verrassen. Tijdens een avond met een diëtist spraken we met cliënten over gezonde voeding. Een cliënt vertelde dat hij wist dat volkorenpasta gezonder is. Ik dacht: o, dat weet jij dus gewoon! Dan gaat er bij mij meteen iets aan. Wat weet iemand nog meer? Wat betekent zo’n opmerking? Daar wil ik dan alles over weten.
Wat vind je lastig in je werk?
Ik zoek soms naar de balans tussen professional zijn en mezelf blijven. Je moet dit werk met je hart doen en neemt dus ook je eigen gevoelens mee. Tegelijkertijd moet je steeds bedenken: wat heeft deze cliënt nodig? Wat zou ik als persoon willen doen en wat is vanuit mijn professionele rol verstandig? Je bent voortdurend aan het schakelen. Waar houdt mezelf zijn op? Wanneer moet ik mijn eigen gevoel even opzijzetten? Die grens is niet altijd duidelijk. Dat vind ik soms best lastig.
Wat maakt jouw werk zo mooi?
Vooral de afwisseling. Ik vind het heerlijk om op de werkvloer te staan en cliënten te ondersteunen bij hun dagelijkse verzorging. Dan help ik bijvoorbeeld iemand met douchen of kijk ik wat diegene op dat moment nodig heeft. Daarnaast stuur ik collega’s aan. Ik werk met hen samen in een team, maar moet soms ook richting geven. Ik vind het leuk om collega’s te begeleiden en samen te onderzoeken hoe we zo goed mogelijk bij cliënten kunnen aansluiten. Ook het werken met ouder wordende cliënten ben ik steeds mooier gaan vinden. Eerder werkte ik vooral met jongere cliënten met een LVB. Nu ben ik minder bezig met iets nieuws aanleren en meer met naast iemand staan en dingen samen doen. Het belangrijkste is dat iemand prettig in zijn vel zit en een fijne dag heeft.
Het contact met cliënten blijft voor mij het allermooist. Ze zijn puur en eerlijk. Als ik na mijn werk naar huis rijd, denk ik dan ook vaak: wat heb ik toch leuk werk. Ik wil nooit meer iets anders doen.